dinsdag 15 januari 2013

Guido Gezelle -- Winternacht

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

* wikipedia
* dbnl
* Guido Gezelle-archief








Winternacht

Hoe zwart staan al de boomen in
de witheid, onverwacht,
van 't overdadig sneeuwen, dat 't
gedaan heeft, van den nacht!

Ze staan daar, als gekoolzwart en
met teekenen geprent,
al zwarte en zware staven, op
een eindloos pergament.

Ze 'n roeren noch ze 'n poeren en,
bij 't nachtelijk gestraal,
men zweren zou dat 't spoken zijn,
of reuzen altemaal.

De sterren staan en bliksemen,
als oogen, ongeteld,
van boven, uit de koppen van
die reuzen vol geweld.

Ze groeien immer grooter, en
de witheid van de snee
verzwaart de zwarte stammen. Zich!
van een' zoo wordt er twee!

'k Versta nu hoe van drollen, gij,
en droezen hebt gedroomd,
wanneer ge, Noordsche heidenen,
verkeerdet in 't geboomt.

Bij 't razen van den winter en
bij 't nijpen van den nacht,
is de oude, grimme reuzenzegge
ontstaan in uw gedacht.


Guido Gezelle (1830-1899)


poeren = bewegen
snee = sneeuw
Zich! = Zie!
drollen = spoken
droezen = spoken
reuzenzegge = sage






= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag een gedicht per mail.
Aan- en afmelden: http://high5.nl/minimalist/?l=laurensjzcoster

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen